Schrijven en timemanagement

Schrijven en timemanagement

Zet je timer en schrijf! Toen ik deze woorden opschreef in een vorig blog, wist ik dat ik nog iets uit te leggen had. Want waarom een timer?

Focus maakt creatief

De basis voor mijn timer-voorliefde is gelegd in de tijd dat ik net begon met creatief schrijven (ergens rond het jaar 2001). Eén van mijn favoriete schrijfopdrachten was: ga zitten, open je schrijfprogramma, zet een timer op tien minuten en ga schrijven. Domweg schrijven. Zonder plan. Maar blijf tijdens die tien minuten onafgebroken doorgaan.
Deze tienminutenoefening zorgt voor focus. Je gaat in eerste instantie associëren, want, hé, je moet ergens beginnen. En voordat je het weet heb je toch een scène te pakken. Of staat er een interessant personage op papier. Ik vind soms de meest creatieve oplossingen, door mezelf te dwingen tot focus.

De pomodoro methode helpt hierbij

Tot zover het uitstapje naar creatief schrijven. Wat heb je hieraan als je doelgericht aan de slag wilt met een bepaalde taak? Hier komt de pomodoro methode om de hoek kijken. Voor alle ins en outs vind je genoeg informatie als je even op Google kijkt. Ik vertel liever hoe het voor mij werkt.

Mijn ideale verhouding is twintig minuten taak (vaak is dit schrijven) afgewisseld met tien minuten pauze (van mijn werkplek af en iets fysieks doen)
Dit werkt voor mij om meerdere redenen goed:

  1. Twintig minuten is zo weinig dat het overzichtelijk is en blijft.
  2. Twintig minuten is lang genoeg om serieus iets gedaan te krijgen
  3. Tien minuten van mijn plek af en iets fysieks doen is goed voor mijn lijf
  4. In die tien minuten doe ik dingen die weinig ‘denkkracht’ vragen, lees: ik plan huishoudelijke klusjes in. Dat waar ik in de voorgaande twintig minuten aan werkte, zit in mijn hoofd en nieuwe ideeën poppen haast als vanzelf op terwijl ik een shirtje strijk!

Om op een dag veel gedaan te krijgen, maak ik ’s ochtends een planning. Iedere ronde krijgt zijn eigen taak, net als elke pauze. Als ik het helemaal uit zou schrijven, krijg je iets als dit:

timemanagement pomodoro methode

Je ziet dat ik in mijn ‘pauzes’ huishoudelijke klusjes heb staan. Ik kies bewust pauze-activiteiten waarvoor ik even in beweging moet komen. Dat is positief voor mijn lijf dat anders maar de hele dag in die bureaustoel hangt.
Werk je niet thuis zoals ik, dan zijn de ‘pauzes’ heel geschikt voor kort overleg met een collega, het bijvullen van je voorraad paperclips (heel belangrijk 🙂 ), een telefoontje met een leverancier, enzovoorts.

Focus

Zo’n schema werkt voor mij om meerdere redenen heel goed. Er is focus nodig om binnen die twintig minuten resultaat te boeken. Ik heb geen tijd voor afleiding in de vorm van e-mail, telefoontjes of andere stoorzenders. In die twintig minuten bestaan al die stoorzenders niet. Alleen de aanwezigheid van mijn taak en van mijzelf zijn toegestaan.

Challenge

Tegelijkertijd ben ik mezelf aan het challengen om mijn taak binnen de gestelde tijd af te ronden.
(Jep, dat klinkt best sneu, maar het werkt.)

Een duidelijk doel

Een ander voordeel is de duidelijkheid die deze planning me geeft. Niet: vandaag moet ik nog een blog schrijven, maar: in blok twee maak ik de eerste opzet. In blok drie knoop ik de losse eindjes aan elkaar. In blok zeven zoek of maak ik passend beeldmateriaal en plaats ik de blog online.

Tijdslurpers blijven binnen de perken

Ook maak ik een blokje vrij waarin ik telefoontjes kan plegen, mijn administratie kan bijwerken en e-mail kan beantwoorden. Dit zijn activiteiten die in de loop van een werkdag echte tijdslurpers kunnen worden. Door het in te plannen, ontstaat duidelijkheid en urgentie. Na dit ‘rommelblokje’ is dat deel van het werk af.

Maar wat als je een taak niet afkrijgt?

Het voordeel van deze manier van werken is dat je heel snel leert inschatten hoeveel blokken je nodig hebt om bepaalde taken uit te voeren. Het is dus allereerst een kwestie van uitproberen.
En natuurlijk moet je niet vergeten dat de methode jou moet helpen efficiënt te werken. De methode mag nooit een belemmering worden. Schuif met taken als het niet lukt. Pas je planning aan als je werk daarom vraagt. En maak de methode gerust op maat voor jezelf. Dat heb ik ook gedaan en nu past het me als een handschoen. Ik ben enthousiast. Ik hoop jij ook!

Schrijven en timemanagement

Blog of webtekst schrijven? Kies de aanspreekvorm en schrijf spreektaal

Je onderwerp en je doelgroep liggen vast. Denk nu na over de aanspreekvorm die je wilt gebruiken. Zelf had ik in eerste instantie een u-website gemaakt. Van huis uit had ik geleerd: ‘De klant is koning, die benader je met respect, dus je zegt altijd u.’

Kies de aanspreekvorm die bij jou past

Maar in de praktijk ben ik geen u-mens. Mijn u-website heeft daarom maar kort online gestaan, voordat ik de aanspreekvorm veranderde naar je en jij. Ik vind het belangrijk dat mensen die mij spreken, dezelfde Lisette voor zich hebben als mensen die mijn website bezoeken. Wel zo duidelijk.

Overweeg bij het maken van deze keuze waar jij je zelf prettig bij voelt. Kijk hierbij naar de doelgroep die je voor ogen hebt en vraag je af wat je zegt als jouw klant voor je neus staat. In jouw bedrijfs-DNA zit de aanspreekvorm die jou het meeste ligt. Wat je nu gaat doen, is deze aanspreekvorm consequent doorvoeren in je teksten.

Toen ikzelf koos voor ‘je’ en  ‘jij’ op mijn website, was ik bang dat het me misschien klanten zou kosten. Ik besloot dat voor lief te nemen. Mensen die afhaken omdat ik ze niet met ‘u’ aanspreek, passen niet in mijn doelgroep. Ik zou ze maar beledigen als ik toch af en toe spontaan zou je-en en jij-en.

En, hield ik mezelf als beginnende ondernemer dapper voor: als mensen niet in je doelgroep passen, geeft het niet als ze afhaken op je tekst.

Schrijf zoals je praat

Nog een laatste tip voordat je begint aan je blog of webtekst: gebruik spreektaal.aanspreekvorm kiezen
Geen schrijftaal. Vergeet wat je geleerd hebt over het hanteren van formeel taalgebruik bij geschreven tekst. Neem in overweging hoe je desondanks toch exact kunt formuleren wat jouw boodschap is. Excelleer in het creëren van eenvoudige woordschikkingen en vermijd ellenlange verhalen, met ontelbare bijzinnen, gescheiden door komma’s, waarbij de lezer halverwege afhaakt, omdat het niet langer evident is waar de inleiding overgaat in de essentie voordat de vertelling ten langen leste eindigt in een sublieme slotscène.

Heb je ‘m?
Of schoten je ogen over de tekst en dwaalden je gedachten af?

Schrijf zoals je praat. Dat mag, op internet. Sterker nog: dat wordt van je verwacht. Op internet lezen we zappend en scannend. Daarin passen korte zinnen beter dan lange.

Heb je de tips uit Schrijven? Ken je doelgroep en Schrijven? Bepaal je onderwerp al gelezen? Dan is het eindelijk tijd om je schrijfprogramma te openen en te beginnen met, jawel:

Schrijven!

Zet een timer (ik houd zelf van periodes van twintig minuten) en start met het schrijven:

  • Voor je doelgroep
  • Over het onderwerp dat jij bepaald hebt
  • Houd hierbij steeds de vragen en problemen van je klanten in je achterhoofd
  • En geef jouw oplossingen
  • En niet te vergeten: schrijf zoals je (tegen je klanten) praat

Heb je zelf tips (of vragen) laat dan een reactie achter. Vind ik leuk: babbelen over schrijven en alles wat daarbij komt kijken 🙂

Schrijven en timemanagement

Schrijven? Ken je doelgroep!

Taal doet iets met een mens. En het grappige van taal is, dat het met ieder mens iets anders doet. Net als bij gesproken communicatie, gebeurt een groot deel van de interactie in het hoofd van de ontvanger.

Ken je doelgroep

Juist omdat iedereen anders reageert op teksten, is het belangrijk om vooraf duidelijk in kaart te brengen voor wie je schrijft. Ken je doelgroep!

Wanneer je schrijft voor de ouders van kinderen die bij jou op de sportschool komen, moet je nadenken over de vragen waar deze ouders mee zitten. Is mijn kind veilig tijdens het sporten? Is er EHBO aanwezig. Wat doet de sportschool om de kwaliteit van de lessen te borgen?

Schrijf je voor de kinderen zelf, dan heb je heel andere vragen te beantwoorden: Kan mijn vriendje een keer mee komen voor een proefles? Kan ik mijn kinderfeestje hier houden? Wanneer mag ik meedoen aan een wedstrijd? Mogen mijn opa en oma komen kijken bij de les?

Schrijf je voor zakenmannen die hun volgende lease-auto bij jou moeten bestellen, of schrijf je voor moeders die proberen de balans tussen werk en privé te bewaren?
Welke mensen lezen jouw tekst? Mannen, vrouwen, kinderen, volwassenen, bejaarden, allochtonen, autochtonen, pubers, hoogopgeleiden, taalzwakkeren?

Definieer en ken je doelgroep. Je kunt dan het taalgebruik aanpassen aan het niveau of het kennisgebied van je lezer.

Ken de vragen van je doelgroep

Wanneer je doelgroep duidelijk in kaart is gebracht, kun je nadenken over de dingen die jou verbinden met je doelgroep. Dat wat jullie verbindt, gaat de inhoud van je tekst bepalen. Je komt hierachter door jezelf vragen te stellen:

  • Wat heb jij jouw doelgroep te bieden?
  • Waarom moeten ze bij jou zijn?
  • Wat zijn de vragen die jouw doelgroep heeft?
  • Welke antwoorden en oplossingen voor hun problemen heb jij te bieden?
  • Hoe pak jij dat aan en wat verwacht jij van je doelgroep?
    Bepaal je doelgroep

Maak je niet druk om degenen die buiten je doelgroep vallen

Nu je doelgroep en de vragen van je doelgroep bekend zijn, kun je tekst schrijven die voor hen bedoeld is. Maak je niet druk om degenen die buiten je doelgroep vallen, maar focus je volledig op de groep die je hebt bepaald, en bied hen meerwaarde.
‘Ja, maar dan haken er ook lezers af!’
Klopt.
En dat is niet erg. Degenen die afhaken, zitten niet te wachten op deze tekst. Wees niet bang om lezers te verliezen die je in eerste instantie toch al niet wilde bereiken. Focus je liever op jouw doelgroep en zorg dat zij wel blijven lezen. Hoe?

Zorg dat er altijd een schreeuwertje op je schouder zit mee te lezen

Dat schreeuwertje is iemand uit jouw doelgroep. Iemand die bij alles wat je schrijft, roept of hij wel of niet op die content zit te wachten. Iemand die vragen heeft die jij kunt beantwoorden. Oefen jezelf hierin.

Als je het lastig vindt om jezelf op deze manier kritisch te bevragen, laat dan een ander jouw tekst proeflezen voordat je het de wijde wereld instuurt. Soms doet het pijn als iemand kritiek heeft op jouw werk – dat moet je incalculeren –  maar het zal je tekst scherp houden. Daardoor zul jij je lezers vasthouden.
En dat is wat je wilt.

Neem afstand van je tekst

Schrijf je tekst. Laat je proeflezer commentaar leveren (of dat nu het schreeuwertje op je schouder is of een talige vriend) en laat het dan even los.
Parkeer je verhaal. Ga wat anders doen. Verzet je zinnen en heb wat geduld.Soms is een uur genoeg en soms moet je een dag of zelfs een aantal dagen wachten voordat je die laatste fase met je tekst kunt ingaan.

Je zult ervaren dat het na een rustperiode, eenvoudiger is om kritiek in de juiste verhouding te zien en om je tekst daarmee te verbeteren.

Neem dan iedere zin nog eens kritisch onder de loep. Verwerk het commentaar dat je kreeg en de gedachten die later nog in je opkwamen. Houd bij het herlezen van iedere zin jouw doelgroep in je achterhoofd. Stel jezelf voortdurend de vraag of je de juiste toon hebt gebruikt en of je de juiste vragen hebt beantwoord. Als je die vragen met ‘ja’ kunt beantwoorden is het tijd om de tekst te publiceren.

Speciaal voor jouw doelgroep.